Hoe gaat Helpingnet te werk?

Helpingnet contacteert kleine Belgische en Nederlandse organisaties en ngo’s. Indien er interesse is om samen te werken binnen de visie van Helpingnet spreken zij hun locale partners aan.

Deze partners doen zelf een suggestie over wie en onder welke vorm de voorlichting gegeven zal worden. Dit kan o.a. via lessen, toneel, liedjes, radiospots, posters, opleiding van verpleegkundigen. De ‘collier du cycle menstruel’  is een veel gebruikt hulpmiddel.

Zij geven ook te kennen welke goederen ze dringend nodig hebben, bijvoorbeeld medisch materiaal, bedden, geplastificeerde matrassen, rolstoelen, stoffen, breiwol, schoolmateriaal, kleding, schoenen, brillen, enz.

Het hoofdtransport verloopt met containers die de organisatie’s zelf opsturen en/of via Wereldmissiehulp vzw.

Dokters en verpleegsters, priesters, zusters en lekenhelpers uit de betrokken gebieden worden aangesproken om voorlichting te geven en werken enthousiast mee eens ze de klik gemaakt hebben.

Het spreekt voor zich dat het niet altijd vanzelf gaat om de vaak ongeschoolde bevolking te overtuigen en gewoontes om te buigen.

De uitspraak van paus Franciscus dat “gelovigen zich niet moeten voortplanten als konijnen” is hier heel belangrijk.
‘A planned family is a happy family!’
 

Helpingnet vraagt bewijzen dat de voorlichting effectief gegeven wordt en dat de goederen goed aangekomen zijn. Dit kan a.h.v. foto’s, verslagen of een bezoek ter plaatse.

 

Helpingnet leidt meer dan eens tot positieve neveneffecten.

Een voorbeeld: 

Een Belgische winkel leverde veel nieuwe schoenen. Deze werden verkocht aan rijkere mensen in Lubumbashi. Met dit geld werd een naaischool gebouwd voor tienermoeders. De meisjes krijgen les in naaien én voorlichting. Resultaat: minder zwangerschappen, degelijke scholing, een warme maaltijd, een inkomen voor die tienermoeders.